

Jan van Speijk

Model van het fluitschip Zeehaen.
|
Scheepshistorie 9
Rob Napier, de schrijver van Reconditioning an Eighteenth-Century Ship model VALKENISSE, Retourschip
of 1717, begint deze negende Scheepshistorie met het artikel
‘Het raadsel van de schaalverhouding’.
Rond 1990 vroeg het Museum of Fine Arts in Boston,
Massachusetts, USA, aan Napier of hij het model van de Valkenisse, een retourschip dat waarschijnlijk dateert van 1717, van
een tuigage wilde voorzien. Bijna alle rondhout moest opnieuw gemaakt worden en
daarvoor was de schaal van het model nodig. Dat Napier het raadsel van de
schaalverhouding wist op te lossen, is duidelijk, want in 2003 was het model
van de Valkenisse gerestaureerd en
hertuigd. Hoe dat alles tot stand kwam, staat te lezen in dit nummer van Scheepshistorie.
‘De schrik van de zeerovers. De onsterfelijkheid van Jan van
Speijk’ is een mooi opgezet artikel, voorzien van veel illustraties, door
Graddy Boven, de conservator/adjunct-directeur van het Marinemuseum in Den
Helder. ‘Dat Jan van Speijk zijn schip liever tot ontploffing brengt dan het in
handen van de vijand te laten vallen, blijkt uit zijn historische woorden ‘ Dan
liever de lucht in!’ Die woorden kan een ieder zich nog wel herinneren uit zijn
of haar geschiedenislessen.
Kees van der Ende en Wouter Heijveld hebben een groot
verhaal geschreven over ‘De geschiedenis van een stoere doorzetter, de Volharding 1’, een stoomsleepboot die in
1929 in de vaart kwam als de Harmonie 6
en nu nog steeds rondvaart. Ze verdiepen zich in de geschiedenis van de
sleepvaart en verhalen over de NV Sleepbootmaatschappij Harmonie die in
december 1928 Scheepswerf ‘De Hoop’ te Neder-Hardinxveld de opdracht had
gegeven tot de bouw van deze sleepboot.
Sinds 2003 is Het Havenmuseum te Rotterdam officieel
eigenaar van de Volharding 1. Hoe dat
allemaal zo gekomen is, kunt u lezen in dit artikel met zijn vele – ook mooie
historische - foto’s en tekeningen. Er is zelfs een zeemansmodel gemaakt van de
stoomsleepboot en wel door L.A. de Jongh, een voormalige kapitein bij de
rederij Volharding. Het werd in 1975 door het Maritiem Museum Prins Hendrik te
Rotterdam aangekocht.
Hierna laat Remmelt Daalder zijn licht schijnen op het
schilderij ‘De Zeeslag bij Gibraltar in 1607’, in 1622 vervaardigd door
Cornelis Claesz van Wieringen.
Het volgende artikel wordt geschreven door Ab Hoving over de
voorbereiding, de bouw en de exploitatie van het Utrechts Statenjacht. Het is
alleen jammer dat niet alle foto’s scherp afgedrukt zijn, terwijl er in het
boek over het Utrechts Statenjacht, ook van de hand van Ab Hoving, de
prachtigste foto’s staan.
Jeroen Zuidland neemt de geschiedenis van Abel Tasman, de
zeevaarder, onder de loep, waarbij zijn expeditie van 1642-1643 centraal staat.
Tasman voerde het commando over twee schepen: het jacht Heemskerck en het fluitschip Zeehaen
en ontdekte Tasmanië en Nieuw-Zeeland. In opdracht van het Nationale
Scheepvaartmuseum Hobson’s Wharf in Auckland, Nieuw-Zeeland zijn door Ab Hoving
modellen van deze twee schepen gemaakt. Jammer, maar ook nu zou de kwaliteit
van de foto’s beter kunnen.
Als laatste krijgt het Rotterdams Havenmuseum aandacht van
Henk van der Biezen.
Het is weer een zeer gevulde Scheepshistorie.
(recensie Elly Meijn)
|
 |
Scheepshistorie 10
De
Lemster beurtman, een eigentijds scheepsmodel.
De verbinding tussen Lemmer en Amsterdam over de Zuiderzee, later
IJsselmeer, was tot in de twintigste eeuw de hoofdader voor het handels- en
reizigersvervoer tussen Friesland en de Zuidelijke Nederlanden. Voor de vaart
over het ruwe water van de Zuiderzee met zeilende beurtschepen waren robuuste
en betrouwbare schepen nodig om een veilige en betrouwbare dienstregeling te
realiseren. Een schitterend contemporain model van een Lemster beurtman in het
Fries Scheepvaart Museum toont één van deze stoere schepen.
Spierkracht van mens en dier als
aandrijving.
De roeiboot en de trekschuit zijn bekende voorbeelden van door mens en dier
voortbewogen vaartuigen, maar er zijn in het verleden talloze andere
toepassingen geweest van spierkracht in veel minder bekende vormen. Veerponten
en baggermolens aangedreven door paarden of ossen zijn enkele van de andere
voorbeelden die in dit verhaal aan de vergetelheid worden onttrokken.
De rede van Zierikzee, scheepvaart in de
vroege zestiende eeuw.
De 16e eeuw is een boeiend tijdperk
op velerlei gebied. Ook in maritiem opzicht zijn er belangrijke ontwikkelingen
geweest die aan de wieg stonden van de Gouden Eeuw. Bronnen over de scheepvaart
uit die periode zijn echter zeldzaam, maar we weten dat in Zeeland in de
veertiende, vijftiende en zestiende eeuw de scheepvaart in hoog aanzien stond.
Met wat voor schepen de Zeeuwen voeren is helaas minder bekend. Het schilderij
van de “Rede van Zierikzee” vertelt ons echter iets meer uit deze boeiende
periode van de Nederlandse maritieme geschiedenis.
Museumschip
en schaalmodel, Hr.Ms. Tonijn.
Het unieke ontwerp van de driecilinderboten van Nederlands ontwerp en
makelij werden in 1962 op stapel gezet en behoorden tot de modernste
onderzeeboten uit die tijd. De techniek van een varend model is minstens zo
complex als het echte schip, terwijl de onderwatervaart van het model een mooi
beeld geeft van hoe een onderzeeboot tijdens de onderwatervaart er uit ziet. |